Preek

Verkondiging in De Nieuwe Augustinus, 3 februari 2019

                      vierde zondag door het jaar[1]

 

Liefde die geeft

 

GEBED

 

Heer onze God, verleen ons uw genade. Geef dat wij U eren met geheel ons hart en dat wij alle mensen betrekken in onze liefde.

Door onze Heer Jezus Christus…

 

VERKONDIGING

 

“Laat u door hen niet afschrikken”.

Twee lezingen vandaag over weerstand, afwijzing, verwerping.

Jeremia -eeuwen vóór Jezus- hij had de loodzware taak profeet, religieus leider te zijn in de moeilijkste periode uit de geschiedenis van het oude Israël: de tijd van de ballingschap.

Jeremia had de moed niemand naar de mond te praten. Hij liet zich niet leiden door populariteitscijfers; hij bewoog niet mee met de publieke mening, de populaire stem; hij sprak rustig de waarheid. De waarheid zal sterker blijken dan alle kortstondige, vluchtige volksgunst. Willen we overleven dan moeten we de crisis kalm en gelovig onder ogen zien.

Het maakte hem niet geliefd. De hiërarchie van land en tempel wilde van hem af. Zij maakten de voorraden liever op; ‘na ons de zondvloed, de politieke crisis, de klimaatcrisis’.

 

Jezus heeft het wel heel erg moeten ondervinden. Niet alleen aan het einde van zijn korte leven, maar al in het begin van zijn leven. Eerst als kind. Zijn ouders moesten vluchten naar Egypte, vluchten voor het geweld in hun eigen land. Ook toen was er niet vanzelf een kinderpardon. Ook toen moest daarvoor hard gebeden en gestreden worden. Het Kind Jezus had ternauwernood het geweld van Herodes overleefd. Pas toen het eigen land weer veilig was, gingen zijn zorgzame, behoedzame ouders terug naar hun vaderland. Tot die tijd werd hun asiel verleend in een vreemd land. De Egyptenaren, de koptische christenen, die hier verderop aan de Kamperfoelieweg kerken, zijn er nog dankbaar voor en trots op, dat hun land Egypte asiel heeft geboden aan de Messias van Israël, de Zoon van God.

 

Later zal dit Kind zeggen: “Wie Mij ontvangt, ontvangt niet Mij, maar Hem, die Mij gezonden heeft”. Wie een vreemdeling, een vluchteling als mens aanziet en ontvangt, ontvangt de Mensenzoon Zelf, Christus, die een vreemdeling was op aarde.

 

Juist in zijn vaderstad Nazareth willen zij van Hem af. Zij willen geen kritiek, geen actualiserende lezing van de Wet, de Tora. Laat ons toch met rust in ons religieus gevoel, onze lichte, warme, keurige godsdienstigheid.

“Ze joegen Hem de stad uit en dreven Hem voort tot aan de steile rand van de berg waarop hun stad gebouwd was”.

Wat een gruwel. Wat begon als een vrome liturgie in de synagoge, met de eerste preek van Jezus: ‘dit oude Schriftwoord gaan nu in vervulling; nu ga Ik in praktijk brengen wat hier al die jaren is voorgelezen’, - eindigt in bruut, levensbedreigend geweld.

 

Ook de christenen van Korinte, de rijke haven- en handelsstad Korinte, wilde liever met rust gelaten worden, met hun zelf gefabriceerde kerkelijke verhoudingen. De kerkgemeenschap van de welvarende Griekse stad Korinte was gesticht door de apostel Paulus. Joden en niet-joden waren kerkleden geworden. Paulus kon trots zijn op zo’n sterke parochie.

Maar wat begon als een kerkelijk succesverhaal ontwikkelde zich tot een hoofdpijndossier.

 

In de prille parochie van Korinte brak een strijd aan om de macht.  Gelovigen pronkten met hun talenten. De één kon spreken in tongen, de ander wierp zich op als een profeet naar wie geluisterd moest worden, een derde vond zichzelf een geweldig geleerde, die het laatste woord moest krijgen. Nog weer een ander strooide opzichtig vanuit zijn rijkgevulde portemonnee met geldbedragen en er waren ook mensen die fanatiek waren in hun geloof en er niet voor terug schrikten het avontuur, het geweld op te zoeken om hun gelijk te halen.

Paulus de apostel, de kerkstichter ziet het met lede ogen aan. Die Korintiërs die hij tot geloof heeft gebracht zijn dan wel enorm actief, maar zij hebben de kern van het geloof, het evangelie uit het oog verloren. “Als ik de liefde niet heb baat mij heel die godsdienstigheid niets”.

 

Als ik de liefde niet heb.

Er zijn drie woorden voor liefde in de taal van het Nieuwe Testament. Je hebt de eros: die liefde die zich uit in lichamelijke lust en teder verlangen naar de ander. Er is de philia: de vriendschappelijke liefde.

Ten derde de minst gebruikte: de agape. Dat woord gebruikt Paulus in dit prachtige gedicht over de liefde. Agape betekent: de liefde als gave, als geschenk. Deze liefde richt zich op de behoeften van de ander, zoekt wat het beste voor de ander is en laat de ander de vrije keus om die liefde te beantwoorden of niet. In het Latijn: caritas. Liefde die niet wil bezitten, maar haar grootste vreugde en voldoening vindt in geven.

 

Als wij in de kerkgemeenschap die liefde niet hebben, houdt de apostel ons vandaag voor, als wij die gevende liefde niet centraal stellen dan baat al onze godsdienstigheid ons niets.

 

Twee lezingen vandaag over weerstand, afwijzing door gelovige mensen.

In het midden staat het grote liefdesgedicht, misschien wel de meest geliefde tekst uit de heilige Schrift. Moge die gevende liefde, geheel gericht op de ander, onze gemeenschap en ons leven bezielen. Amen.

 

N. van der Peet

 

-------------------------------------------------------

[1] Jeremia 1, 4-5. 17-19; 1Korintiërs 12,13- 13,13; Lucas 4, 21-30